Hoe je zelf het recht een handje kunt helpen

Een cliënte kwam bij mij. Zij zou ontslagen worden. Reden: bezuinigingen. Zij wilde graag blijven werken en had een aantal argumenten tegen het voorgenomen ontslag. Stond zij in haar recht, zo was haar vraag. Mijn conclusie: nee, juridisch was dit een kansloze zaak. Juist vanwege de bezuinigingen. De werkgever had keuzes moeten maken, en als je het daarmee niet eens bent, sta je nog niet vanzelf in je recht.

Vaak vragen cliënten mij of ze in hun recht staan. Soms is dat zo. En dan? Valt hen dat recht dan opeens toe?
Helaas, cliënten willen wel hun recht, maar de rechter laten oordelen, dat is een brug te ver. Een juridische procedure kost meestal veel te veel tijd en geld. En… de uitslag is vaak ongewis.

Maar als je dus niet naar de rechter wilt, is het dan einde verhaal? Nee dus. Er blijven heel wat mogelijkheden over om dat recht zelf een handje te helpen zonder het met geweld in eigen hand te nemen. Dat zou eigenrichting zijn, en daarvoor hoef je geen juridisch advies. Dat mag niet, maar het kan wel.

Wat dan wel?
Een goede optie is bijvoorbeeld vaak de doe-het-zelf variant.
Je legt je zaak dan niet voor aan de rechter, en je geeft hem ook niet uit handen aan een advocaat of jurist. Je gaat je zaak zelf oplossen, maar… met een expert die in de coulissen voor je klaar staat. Om je te helpen bij lastige stappen.

Welke lastige stappen je moet zetten, kan nogal uiteenlopen. Maar er zijn ook constanten. Denk aan voetbal: geen voetbalwedstrijd is dezelfde, maar het veld, het doel en de bal zijn belangrijke constanten.
Wat zijn nu de constante factoren als je zelf het juridische veld op wilt gaan?

Ik noem de drie belangrijkste constante factoren.

1. Kom juridisch goed beslagen ten ijs.
In de bovengenoemde situatie had de cliënte  het recht niet aan haar zijde. Goed om te weten!

2. Tref de juiste toon.
Ze schreef een brief, met een voorstel en een verzoek. Het voorstel behelsde grote besparingen die zij voor het theater zou kunnen realiseren. Zij had dat voorstel eerder gedaan. Toen was het in een lade beland. En verder verzocht zij om daarover een gesprek te hebben met de directie. Geen dreigende taal, geen sommatie, alleen een verzoek voor een gesprek.

3. Weet dat je dingen niet weet.
Zo bleek hier dat de instelling een ‘morele’ verplichting voelde. De directeur had zich eerder al diverse keren positief over haar voorstel uitgelaten. Maar daar had zij geen weet van.

Het resultaat: zij mocht voor 70% blijven werken. Ze werd dus wel ontslagen, maar kreeg meteen weer een parttime contract.

Wat was er gebeurd als zij had gedreigd of geëist? Dan zou die morele verplichting waarschijnlijk vlug verdampt zijn. Juist omdat zij geen juridische druk uitoefende, voelde de werkgever zich vrij. En niet gedwongen.

En zo kun je soms alsnog in je recht komen te staan, zonder beslissing van een rechter en op eigen kracht.  In dit geval bovendien door nu juist niet op rechten te gaan staan. Want die waren er niet.

Gebruikte trefwoorden voor deze nieuwsbrief: , , , , ,